De betaalde interest over het vreemd vermogen is (in tegenstelling tot de aan de verschaffers van eigen vermogen betaalde winstuitkering) niet afhankelijk van het bedrijfsresultaat. De interest die de verschaffers van vreemd vermogen ontvangen, is bij het aangaan van de lening overeengekomen en ligt in de regel gedurende de looptijd van de lening vast. Wanneer de onderneming van verscheidene vormen van vreemd vermogen gebruik maakt, waarbij voor elk een andere interestvergoeding is overeengekomen, zijn de kosten van het vreemd vermogen (IVV  = interest vreemd vermogen) op de volgende manier te bepalen:
IVV =             betaalde interest             × 100%
gemiddeld vreemd vermogen

Voorbeeld
Van een bedrijf zijn de volgende balansen per 1 januari en per 31 december gegeven.



Volgens de resultatenrekening is aan de verschaffers van vreemd vermogen € 15.000 interest betaald.

Het gemiddeld vreemd vermogen is:
280 + 260   × € 1.000 = € 270.000.
2
De kosten van het vreemd vermogen zijn:
IVV  =     € 15.000     × 100% = 5,56%.
€ 270.000