Van hoofdelijke aansprakelijkheid is sprake wanneer ieder der vennoten van een vennootschap onder firma voor het totaal van de verplichtingen van het bedrijf kan worden aangesproken.

Dit betekent dat de schuldeiser - wanneer de schuld niet normaal uit de middelen van de vof wordt voldaan - van één van de vennoten het totaal bedrag van zijn vordering kan opeisen. Hij hoeft zijn vordering niet ’pondspondsgewijs’ over de firmanten te verdelen.

Voorbeeld
Karelsen en De Graaff zijn de enige firmanten van een bouwmaterialenhandel. Karelsen heeft 35% van het eigen vermogen ingebracht.
Xander heeft naar aanleiding van een bestelling door De Graaff voor € 50.000 goederen aan de firma geleverd. De contractuele betalingstermijn van deze goederen is al met enkele maanden overschreden. Xander kan nu één van de firmanten verplichten te betalen zelfs als dat ten koste van het privé-vermogen van die firmant gaat. Gezien de privé-positie wordt Karelsen aangesproken de hele vordering te voldoen. Nadat Karelsen betaald heeft, moet hij zelf maatregelen nemen om van De Graaff 65% van € 50.000 terug te krijgen.