Plaatsing met een agio van aandelen of obligaties is het ‘verkopen’ van deze effecten door de organisatie die deze effecten in omloop brengt tegen een prijs die hoger is dan de nominale waarde.

Een obligatielening wordt in de regel met een agio geplaatst, wanneer de rentevoet van de obligatielening hoger is dan de actuele marktrente.

Voorbeeld
De A-bank emitteert een obligatielening van 20 miljoen euro. De lening is verdeeld in 20.000 obligaties van € 1.000 nominaal. De jaarlijkse rente bedraagt 7%. De actuele marktrente op het moment van emissie bedraagt 6,5%.

Op basis van de marktrente mag een belegger verwachten dat een inleg van € 1.000 jaarlijks € 65 aan interest oplevert. Aangezien de lening 7% doet, ontvangt de belegger € 70 per jaar en dat is meer dan de markt op dat moment ‘voorschrijft’. Voor dit voordeel zal de belegger meer moeten (en ook willen) betalen bij de emissie.

Stel dat de emissiekoers wordt vastgesteld op 105%. Per obligatie moeten beleggers dan € 1.050 storten. Het agio bedraagt derhalve € 50 per obligatie. Het totale agio dat de bank incasseert, bedraagt 20.000 × € 50 = € 1.000.000.

Te zijner tijd zal de bank slechts € 1.000 per obligatie hoeven af te lossen. Overigens behaalt de belegger bij aankoop van deze obligatie theoretisch een rendement van:
   € 70      × 100% = 6,67%.
€ 1.050