In een centraalgeleide economie stelde het hoogste gezagsorgaan een aantal globale beleidsdoeleinden vast. Op basis hiervan werden meer concrete vijfjarenplannen opgesteld waarin (nog steeds vrij globaal) werd aangegeven wat de gewenste groei van een bepaald product¸ bijvoorbeeld tarwe¸ moest zijn. De vijfjarenplannen werden vervolgens uitgewerkt in zeer gedetailleerde jaarplannen¸ waarin de activiteiten van alle economische eenheden werden beschreven en op elkaar afgestemd.