Afschrijvingen geven de in geld uitgedrukte waardedaling van kapitaalgoederen weer.

Door de aanschaf van kapitaalgoederen krijgt het bedrijf de beschikking over een groot aantal prestaties. Tijdens het productieproces staan de kapitaalgoederen deze prestaties geleidelijk af aan de te bewerken grondstoffen¸ waardoor de gewenste producten ontstaan. Doordat een kapitaalgoed tijdens het productieproces prestaties afstaat¸ slijt het. In geld uitgedrukt noemen we de waarde van de slijtage afschrijvingen.

In de macro-economische theorie nemen we aan dat het totale bedrag van de afschrijvingen in de samenleving in hetzelfde jaar waarin de afschrijvingen worden geboekt¸ wordt gebruikt voor het doen van vervangingsinvesteringen.

Wanneer in de theorie sprake is van bruto- en netto-investeringen¸ van bruto en netto toegevoegde waarde en van bruto en netto nationaal product¸ is het verschil tussen 'bruto' en 'netto' steeds het bedrag van de afschrijvingen.